Home / Academie / Basisstrategie / Les 2.1

Les 2.1 Basisstrategie
Kaart of passen met harde 12 tot 16
Na deze les weet je wat je doet met een harde 12, 13, 14, 15 of 16. Je ziet direct of je past of een kaart neemt, afhankelijk van de open kaart van de dealer. Je begrijpt ook waarom een kaart bij 16 tegen 10 de betere zet is. Daarna oefen je het in de trainer hieronder.
Wat is een harde 12 tot 16?
Een harde hand is een hand zonder aas, of met een aas die als 1 telt. Bij blackjack heten een harde 12 tot 16 ook wel “stiff hands”.
Met één extra kaart kun je boven 21 komen: je gaat bust en verliest je inzet. Een 10, boer, vrouw of heer brengt een harde 12 of hoger altijd boven 21.
Je hebt twee zetten: een kaart nemen (hit, ook wel “kaart vragen”) of passen (stand) – je houdt je hand zoals hij is.
De keuze hangt af van de open kaart van de dealer: de kaart van de dealer die je kunt zien.
- Harde 12: bijvoorbeeld 9 + 3 of 7 + 5
- Harde 16: bijvoorbeeld 10 + 6 of 9 + 7
- Ook met drie kaarten: 4 + 3 + 6 is een harde 13
De regel uit de strategietabel
De basisstrategie (in het Engels “basic strategy”) is voor elke hand de zet met het beste gemiddelde resultaat. Deze les en de trainer hieronder gebruiken de Amerikaanse tafel: 6 decks, de dealer neemt een kaart bij soft 17 (een 17 met een aas die als 11 telt) en kijkt vóór jouw beurt of hij blackjack heeft.
Aan de Amerikaanse tafel speel je een harde 13 tot 16 zo: passen tegen een 2 tot en met 6, een kaart nemen tegen een 7 tot en met aas.
| 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7 | 8 | 9 | 10 | A |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| S | S | S | S | S | H | H | H | H | H |
| 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7 | 8 | 9 | 10 | A |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| S | S | S | S | S | H | H | H | H | H |
De harde 12 is de uitzondering. Tegen een 2 of 3 neem je een kaart, tegen een 4, 5 of 6 pas je.
| 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7 | 8 | 9 | 10 | A |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| H | H | S | S | S | H | H | H | H | H |
| Jouw hand | Dealer 2–3 | Dealer 4–6 | Dealer 7–A |
|---|---|---|---|
| Harde 12 | Kaart | Passen | Kaart |
| Harde 13–16 | Passen | Passen | Kaart |
Aan de Europese tafel van onze tools krijgt de dealer geen dichte kaart (hole card) – een kaart met de beeldzijde naar beneden – en past hij bij soft 17. Daar zijn deze zetten precies hetzelfde.
De tabel voor andere regels maak je met de strategietabel.
Leer eerst de grens: 2 tot 6 passen, 7 tot aas een kaart. Daarna onthoud je alleen nog de uitzondering bij 12.
Waarom kaart bij 16 tegen 10?
Met 16 tegen een 10 verlies je vaak, wat je ook doet. De vraag is welke zet het minst kost.
| Zet | Gemiddeld resultaat per inzet |
|---|---|
| Kaart | −0,535 |
| Passen | −0,540 |
Beide getallen zijn negatief: met beide zetten verlies je gemiddeld. Met een kaart verlies je iets minder, daarom staat “kaart” in de tabel.
Als je past op 16, win je alleen als de dealer bust gaat. Met een 10 als open kaart gebeurt dat in 21,2% van de gevallen, met een 6 in 43,9%.
Onderaan de open kaart van de dealer; boven elke balk hoe vaak de dealer boven 21 komt (6 decks, dealer neemt een kaart op soft 17, vóór de check op blackjack).
De dealer moet een kaart nemen tot hij minstens 17 heeft. Met een 2 tot en met 6 open komt hij vaker boven 21, dus pas je en wacht je af.
De getallen voor elke hand zie je in de kaart-of-passencalculator. Hoe de dealer speelt, lees je in de les zo speelt de dealer.
Een kaart bij 16 tegen 10 voelt riskant. Het gemiddelde resultaat is toch beter dan passen, dus volg de tabel in de trainer hieronder.
Oefenen: 25 handen
Alleen handen uit deze les. Regels: Amerikaanse tafel, 6 decks, de dealer neemt een kaart op soft 17 en checkt meteen op blackjack, verdubbelen op elke twee kaarten. Je eerste antwoord telt.
De les op één kaart
- Harde 12 tot 16: geen aas als 11, en één kaart kan je boven 21 brengen.
- Dealer toont 2 tot en met 6: pas met 13 tot 16.
- Harde 12: pas alleen tegen een 4, 5 of 6.
- Dealer toont 7 tot en met aas: neem een kaart.
- 16 tegen 10: een kaart verliest gemiddeld iets minder dan passen.
- Dit geldt aan de Amerikaanse tafel en aan de Europese tafel van onze tools.
Test jezelf
1. Je hebt een harde 15. De dealer toont een 5. Wat doe je aan de Amerikaanse tafel?
Passen
Goed. Met een harde 13 tot 16 pas je tegen een 2 tot en met 6. De dealer moet zelf kaarten nemen en gaat met een 5 vaak bust.
Een kaart nemen
Niet helemaal. Een kaart nemen hoort bij een dealer 7 tot en met aas. Tegen een 5 kan een 7 of hoger je boven 21 brengen, terwijl de dealer vaak zelf bust gaat.
Verdubbelen
Niet helemaal. Verdubbelen staat niet in de rij van een harde 15. De tabel kiest hier passen.
2. Waarom neem je bij 16 tegen een dealer 10 een kaart?
Met een kaart verlies je gemiddeld iets minder dan met passen.
Goed. Het gemiddelde resultaat is −0,535 met een kaart en −0,540 met passen. Beide zijn verliezen, maar een kaart kost minder.
Met een kaart win je deze hand meestal.
Niet helemaal. Ook met een kaart verlies je deze hand vaker dan je wint. Beide gemiddelden zijn negatief.
Na een kaart kun je niet meer boven 21 komen.
Niet helemaal. Elke kaart van 6 of hoger brengt 16 boven 21. Je neemt toch een kaart, omdat passen gemiddeld nog meer kost.
3. Je hebt 4, 3 en 5 – een harde 12 met drie kaarten. De dealer toont een 3. Wat doe je aan de Amerikaanse tafel?
Een kaart nemen
Goed. Een harde 12 is de uitzondering: tegen een 2 of 3 neem je een kaart. Het totaal telt, niet het aantal kaarten.
Passen, omdat de dealer een 2 tot en met 6 toont
Niet helemaal. Passen tegen 2 tot en met 6 geldt voor 13 tot 16. Met een harde 12 pas je alleen tegen een 4, 5 of 6.
Passen, omdat je al drie kaarten hebt
Niet helemaal. Het aantal kaarten verandert de zet niet. Je kijkt naar je totaal, 12, en naar de open kaart van de dealer.